X-treme Village Make-Over

Één van de manieren om Nederlandse kinderen en jongeren bewust te maken van de levensomstandigheden van mensen in ontwikkelingslanden is door het geven van voorlichting op scholen. Vanaf september 2008 heeft Connect International een speciaal Scholenprogramma van start laten gaan dat er op gericht is om Nederlandse scholen actief te betrekken bij ontwikkelingssamenwerking: X-treme Village Make-Over.

Via X-treme Village Make-Over zijn twee Nederlandse middelbare scholen gekoppeld aan arme gemeenschappen in Tanzania. De scholengemeenschap Cambium uit Zaltbommel is gekoppeld aan het dorpje Havanga, en het Sint Laurenscollege uit Rotterdam aan Ihalula. De Nederlandse scholen hebben op allerlei manieren geprobeerd om zoveel mogelijk geld op te halen voor hun dorp. De gemeenschap probeert vervolgens zoveel mogelijk verbeteringen door te voeren met dit ingezamelde geld.

De strijd in Nederland
Scholengemeenschap Cambium, en het Laurens College strijden van 1 september 2008 tot 1 mei 2009 tegen elkaar om zoveel mogelijk geld in te zamelen voor ‘hun’ gemeenschap in Tanzania. Hiervoor bedenken ze allerlei leuke, originele, spannende en ludieke activiteiten. De lokale en regionale media wordt ingeschakeld en alle zeilen worden bijgezet om zoveel mogelijk fondsen te werven. Om de scholen hier nog eens extra in te stimuleren, worden zij bovendien op de hoogte gehouden van het ingezamelde bedrag van de andere scholen in de competitie.

Kijk voor het laatste nieuws over de activiteiten ook op de speciale X-treme Village Make-Over website van SG Cambium

De dorpen in Tanzania
Voor alle dorpen geldt dat de problematiek redelijk overeenkomt:

  1. Grote problemen met toegang tot schoon drinkwater. Voor alle dorpen geldt dat er op dit moment voornamelijk water wordt gehaald bij natuurlijke waterbronnen (rivieren en open waterbronnen) waarvan de waterkwaliteit zeer slecht is. In Uwemba en Ikelu zijn al wel een aantal waterputten, maar dit aantal is lang niet toereikend voor het aantal mensen dat er woont.
  2. Grote problemen met hygiëne en met name de latrines. Op dit moment hebben vrijwel alle huishoudens in de dorpen geen latrine, óf een traditionele latrine. Een traditionele latrine houdt in dat de mensen zelf een gat in de grond hebben gegraven en dit hebben afgedekt met boomstammen, stenen, bladeren o.i.d. Dit is erg onhygiënisch omdat het niet schoon te houden is. Hierdoor zie je ook dat bij de meest veelvoorkomende ziektes dingen worden genoemd als diarree, (buik)tyfus en buikklachten. Dit wordt allemaal veroorzaakt door slechte hygiëne
  3. Grote problemen met malaria, HIV/AIDS en luchtwegproblemen. Naast diarree en buikklachten zijn dit de meest veelvoorkomende klachten. Luchtwegproblemen worden veelal veroorzaakt door de rokerige houtvuren waar mensen op koken in hun slecht geventileerde huizen. Vrijwel iedereen kookt nog op houtvuren, in vochtige, slecht geventileerde ruimtes. Dit is zeer slecht voor je longen, en vandaar ook dat veel mensen last hebben van astma, hoesten of andere longproblemen. Malaria is in vrijwel alle dorpen een groot probleem. Het beste dat je hiertegen kunt doen is slapen onder een muskietennet.
  4. Alle dorpen hebben als één van hun prioriteiten 'verbetering van de landbouw' genoemd. Dit komt voort uit het feit dat vrijwel alle gezinnen leven van hun eigen stukje grond, maar vaak niet in staat zijn om voldoende voedsel te verbouwen voor het hele gezin. Er bestaat daarom een grote behoefte aan de aanschaf van zaden en gewassen die mensen op hun land kunnen verbouwen én aan onderwijs om ze te leren hoe ze de gewassen het beste kunnen verbouwen.
  5. Alle dorpen hebben onderwijs als één van hun prioriteiten genoemd. De invulling varieert van de renovatie van de bestaande school tot de bouw van nieuwe klaslokalen. Daarnaast moet er aandacht besteed worden aan de kwaliteit van het onderwijs.

Van mei tot december 2009 proberen de gemeenschappen in Tanzania met het opgehaalde geld zoveel mogelijk verbeteringen door te voeren in hun gemeenschap. De dorpen worden bij hun inspanningen begeleid door SHIPO. Aan het einde van 2009 zal gekeken worden welke gemeenschap de meeste en beste verbeteringen heeft weten door te voeren met het geld dat ‘hun’ school ingezameld heeft. Het winnende dorp krijgt een bonusbedrag, om zo nog meer projecten uit te kunnen voeren.